Is de Golden Retriever een jachthond?

In de officiële standaard van de Golden Retriever staat naast een groot aantal exterieureisen ook vermeld welke karaktereigenschappen bij het ras aanwezig moeten zijn. Gehoorzaamheid en intelligentie zijn belangrijke eigenschappen, bovendien dient de Golden Retriever te beschikken over een natuurlijke werkaanleg. In de statuten van de GRCN wordt als eerste doel van de vereniging genoemd: 'het in stand houden van het ras Golden Retriever'. Dit impliceert onverkort dat alle leden van de GRCN er naar moeten streven Goldens te fokken die aan alle eisen van de rasstandaard voldoen en dus ook aan de eisen voor wat betreft werkaanleg.

Een veel gehoorde opmerking die we in verband met het jachthond zijn van de Golden horen is: 'Slechts een beperkt aantal GRCN-leden gaat met hun hond op jacht of doet mee aan apporteerwedstrijden! Waarom dan werkaanleg?' Er wordt dan voorbij gegaan aan het feit dat het karakter waarop velen nu de Golden als huishond hebben gekozen, bepaald is door selectie voor geschiktheid als jachthond. De rust, attentie, gemoedelijkheid, vriendelijkheid, zelfvertrouwen en will to please (willen werken voor de baas) vormen de basis voor een goede jachthond voor het werk na het schot, de Retriever. Wordt er onvoldoende op deze karaktereigenschappen gelet, dan verwordt de Golden tot een hond met een algemeen niet-specifiek karakter.

Mede om haar leden in de gelegenheid te stellen hun Goldens op de specifieke jachtaanleg te laten beoordelen, heeft de GRCN als een van de eerste commissies, de Jacht Proeven Commissie (JPC) ingesteld.